In gevecht met jezelf
Wanneer een deel van je wil stoppen en een ander deel niet.
Je was hier al eerder. Dat moment erna, wanneer het allemaal helder is. Wanneer je precies kunt zien wat er gebeurt en wat er moet veranderen. En dat je het echt meent. En dan, op een gegeven moment, zit je er toch weer middenin. Die trek, die terugkomt, en je wil het dan ook echt. Daar gaat dit over. Niet het gedrag persé maar over die tweesplitsing.
Hoe de strijd er concreet uitziet
Het is de moeite waard om dit concreet te benoemen. Want je herkent de afzonderlijke stappen misschien wel maar het geheel zien dat is toch iets anders. En juist het patroon als totaal aanschouwen is waar iets soms spontaan begint te verschuiven.
Want het patroon keert niet terug omdat je besluit niet oprecht was maar omdat besluiten alléén werkt op het juiste niveau.
De strijd ziet er ongeveer als volgt uit. Je besluit. En je meent het. Iets in je is echt helder: dit is niet wat je wil, dit moet stoppen, genoeg is genoeg. Dan komt de trek terug. De drang naar het doen. Misschien niet meteen. Maar een gedachte, iets in je omgeving, een bepaald moment van de dag, kan dat ineens veranderen. En je voelt het ook. Niet als iets abstracts maar als iets dat je daadwerkelijk in beweging probeert te krijgen. Iets dat eerder wat gaf en dat herinnert jouw wezen nog steeds duidelijk.
Dan begint de onderhandeling. Het verstand vindt de reden. Deze situatie is anders. Deze week was echt zwaar. De beslissing was te rigide, hield geen rekening met de werkelijkheid. Alleen deze keer, gegeven alles, heeft het eigenlijk zin. En cruciaal: dit wordt de laatste keer. Het redeneren voelt solide. Want vanuit die positie is het solide. De logica is coherent, de rechtvaardiging reëel. En dus doe je het en dat gedeelte is je welbekend.
En dan volgt de nasleep. Het dal waar alles vlak, grijs, iets slechter dan daarvoor aanvoelt. De woede op jezelf. De bijna vertrouwde frustratie van het weer niet kunnen nakomen van je eigen afspraak. En vanuit dat gevoel weer de beslissing. Helder. Oprecht. Gemeend.
Beide kanten voelen als jij
Het verwarrende deel - het deel dat dit zo frustrerend en vermoeiend maakt - is dat beide kanten als twee verschillende, tegenoverstaande delen van jezelf aanvoelen.
De kant die helder is, die ziet wat dit kost, die iets anders wil. En dan de kant die het plezier, de intensiteit, de rust wil, datgene wil doen wat zo goed werkt ook al maakt inmiddels veel duidelijk dat er ook nog wat andere, mindere kanten aan vastzitten.
Dus je probeert het te managen. Regels stellen, afspraken maken, grenzen trekken. En een tijdje werkt het. Totdat de andere kant weer gaat domineren. En vanuit die positie voelen de regels onredelijk, de afspraken alsof ze zijn gemaakt door iemand die het niet begreep, en de grens verschuift. En om het allemaal nog wat lastiger te maken, lijkt het er voor sommige mensen zelfs op dat hoe harder ze vechten tegen "de andere kant", hoe dominanter deze later terug komt.
De betroffenen ervaren dit als zwakte. Als een falen van wilskracht. Of het hebben van een split-personality. Maar dat is het allemaal niet.
Wat er werkelijk gebeurt
Dus welke versie is dan waar? De kant die zegt: dit heeft geen zin, dit is niet wat ik wil, dit moet stoppen. Of de kant die voelt dat het redelijk is, gerechtvaardigd, zelfs noodzakelijk.
Nou beide dus, afhankelijk van waar je staat.
En waar je staat is zelden willekeurig. Het hangt af van je innerlijke toestand op dat moment - moe, gespannen, opgeladen, leeg na een zware dag - en net zo goed van je situatie op dat moment: waar je bent, met wie, welk tijdstip, wat er die dag gebeurd is. De ene toestand brengt de heldere kant naar voren. De andere brengt de kant die de verlichting wil. Het is niet dat je karakter wisselt. Het is dat de omstandigheden, van binnen en van buiten, bepalen welke positie op dat moment de sterkste is. En dat is iets wat je kunt leren opmerken.
Bij de een gaat die verschuiving traag en merkbaar, je voelt de onderhandeling op gang komen. Bij de ander gaat het zo snel en abrupt dat er in het moment nauwelijks iets te overwegen valt; het ene moment is de heldere kant er nog, het volgende is hij weg. Ook dat is te observeren, alleen heel lastig om er op dat moment nog naar te handelen. En juist die snelheid zegt iets. Hoe abrupter en oncontroleerbaarder de omslag, hoe meer het wijst op een sterke afhankelijkheid . Wat je zeker kunt doen is het achteraf zien, en opmerken hoe het ging. En in die gevallen kan meer nodig zijn dan observatie alleen.
Dit is wat de strijd onmogelijk te winnen maakt. Je hebt niet te maken met een vaste overtuiging die je kunt overschrijven met een betere beslissing. Je beweegt tussen twee posities, elk met zijn eigen logica, zijn eigen gevoel, zijn eigen versie van wat zinnig is. Je kunt iets volkomen oprecht beslissen en toch het tegenovergestelde doen. Niet omdat de beslissing niet echt was. Omdat de positie verschoof.
Harder proberen lost dit niet op. Je neemt de beslissing vanuit de ene kant en past die toe op een versie van jezelf die vanuit de andere kant opereert. Tegen de tijd dat die versie opduikt, hoort de beslissing bij iemand die er niet meer helemaal is.
Waar het de moeite waard is om bij stil te staan
Als je jezelf kunt betrappen in het midden hiervan dus niet erna, niet ervoor, maar in de werkelijke beweging tussen de ene kant en de andere , dan wordt er iets zichtbaar.
Je kunt beide delen opmerken. De kant die wil stoppen en de kant die dat niet wil. Je kunt ze allebei voelen, allebei zien, zelfs terwijl ze in tegengestelde richtingen trekken.
Wat betekent dat er iets is om bij stil te staan: jij bent allebei en geen van beide tegelijk. Jij bent degene die beide kan zien.
In het moment voelt dat niet significant - de trek naar de ene of de andere kant is sterk, en als je daar eenmaal bent maakt alles opnieuw zin totdat het omslaat. Maar het vermogen om beide waar te nemen, ook al is het kort, is waar iets anders mogelijk wordt. Niet door een kant te kiezen maar door niet meer volledig gevangen te worden door een van beide.
Waar dit nog meer opduikt
Diezelfde omstandigheden van binnen en buiten blijven zelden beperkt tot dit ene gedrag. En de splitsing die eruit voortkomt evenmin. Deze verschijnt onder andere in hoe je werkt, in je relaties wat je zegt dat belangrijk is en hoe je werkelijk leeft.
Het gedrag is alleen waar het onmogelijk te negeren wordt. Maar de onderliggende splitsing - verschillende behoeften die in verschillende richtingen trekken, verschillende manieren om met druk en emotie om te gaan - is vaak ouder dan het gedrag zelf.
Denk aan andere gebieden waar je iets doet waar je niet volledig achter staat. Een baan die op papier klopt maar van binnen niet goed zit. Een relatiestructuur die je vaker aan jezelf hebt uitgelegd dan je zou willen. Een versie van je dag, je leven, je verplichtingen, opgebouwd rondom wat praktisch, verwacht of veilig is in plaats van wat werkelijk waar is voor jou.
Op elk van die plaatsen gebeurt hetzelfde. Je legt het uit. Je vindt de redenen waarom het klopt. Je functioneert. En eronder zit iets dat het er niet mee eens is, stil, niet opgelost, alleen beheerd.
Dat is dezelfde splitsing. Dezelfde onderhandeling. Dezelfde afstand tussen de interne werkelijkheid en de versie die de wereld tegemoet treedt.
Het gedrag heeft dit patroon niet gecreëerd. Het trof het al aan. En het past er perfect in want het systeem dat weet hoe het ongemak wegredeneert, hoe het overschrijft wat het werkelijk voelt, hoe het redenen vindt waarom nu anders is. Precies dat systeem had al goed geoefend.
Wat betekent dat de strijd die je rondom het gedrag voert niet echt beperkt is tot het gedrag. Het is de luidste uitdrukking van iets dat door meer van je leven loopt dan dat. En de verborgen kosten: het zelfvertrouwen, de afdrijving van je eigen waarden, de uitputting van het onderhouden van meerdere versies van wat waar is, die stapelen zich op, niet alleen hier.
En dat is juist nuttige informatie. Want het betekent dat het werk niet alleen over dit gedrag gaat. Het gaat over terugkomen bij iets meer verenigd. Eerlijker naar jezelf. Meer van jou.
Waarom wilskracht niet standhoudt
Meer discipline, strengere regels, een vastberadener versie van de beslissing. Deze werken een tijdje. Totdat de andere kant zich herbevestigt, want die is nergens heen gegaan. Die was overschreven. En iets overschrijven lost het niet op. Het zet het juist onder druk.
En hier is wat de meesten van ons niet direct zien: de strijd zelf is wat het patroon onder andere gaande houdt. Niet omdat je het verkeerd aanpakt. Maar omdat de strijd de onderliggende spanning nooit aanraakt, alleen maar een poging is tot beheersing. Want zolang er een strijd is, is er ook een reden voor het patroon om te blijven bestaan.
Begrijpen waarom beide kanten als jou voelen en wat elk deel eigenlijk nodig heeft, dat is waar verandering kan beginnen.
Waardoor de vraag uiteindelijk moet verschuiven. Waarom beweeg je überhaupt tussen twee richtingen? Wat heeft elk deel werkelijk nodig? En wat zou het betekenen als die niet meer in conflict waren?
Wanneer je in strijd bent met jezelf, lees dan dit
De werking achter de splitsing - waarom de onderhandeling zo is geconstrueerd, waarom beslissen neurologisch niet standhoudt, wat de fragmentatie werkelijk is - staat in de PDF die je hier kunt downloaden.
Als wat hierboven staat wat met je doet, is deze PDF ook zeker de moeite waard om te lezen.
De achterliggende structuur
De splitsing bestaat niet in isolatie. Het is direct verbonden met de voorgrondspanning die opbouwt in de gedragscyclus en met de achtergrondspanning erachter en met wat er gebeurt wanneer die druk zijn limiet bereikt.

